De geschiedenis begrijpen

maandag 4 mei 2026

Tijdens de Dodenherdenking sprak burgemeester Hans Janssen de aanwezigen toe. "Als je alles hebt gelezen en gezien dan komt vanzelf de vraag: En ik dan? Wat had ik gedaan in die situatie? Wat zou ik vandaag doen?"

burgemeester Hans Janssen houdt toespraak

Je zag misschien ook die prachtige foto. Afgelopen week afgedrukt in de Nieuwsklok. Een foto met Hans Gerritsen. Hij staat bij het graf van onze Oisterwijkse verzetsheld Wim van Baast. Het graf wordt op dat moment gerenoveerd en overgedragen aan de Nederlandse Oorlogsgravenstichting. Zo blijft het nadrukkelijker behouden voor de nagedachtenis van Wim van Baast. Maar ook voor de nagedachtenis van al die anderen die - net als Wim - in de oorlog het beste van zichzelf lieten zien. En zij hebben dat moeten bekopen met hun leven. 

Hans Gerritsen is met zijn meer dan 98 levensjaren een van de laatsten die ons zijn eigen verhaal over de Tweede Wereldoorlog kan vertellen. Langzaam aan moeten we het doen met de overlévering. Dat is voor het Nationaal Comité 4 en 5 mei de aanleiding om te kiezen voor het thema ‘De Geschiedenis Begrijpen’. Als er straks niemand meer is om de geschiedenis te vertellen, dan moeten we ons richten op het begríjpen ervan. 

Maar zo eenvoudig is dat niet. Misschien is het nog eenvoudig te begrijpen dat het bijna altijd gaat om macht, om geld, om territorium, om grondstoffen. Dat zien we elke dag in het nieuws.

De vruchtbare grond in Oekraïne als graanschuur van de wereld.
De aardmetalen uit Soedan voor onze smartphones.
De kust van Gaza als een Rivièra met luxe appartementen.
De rivieren van Libanon voor drinkwater in de regio.
En de olie uit Iran en zijn buren als de smeerolie van de hele wereld.

Dat is allemaal nog te begrijpen. Maar moeilijk is te begrijpen dat dat miljoenen levens mag kosten. Dat scholen en ziekenhuizen worden gebombardeerd, dat dorpen en steden worden weggevaagd. Ook moeilijk en eigenlijk onmógelijk is te begrijpen dat in oorlogen hele groepen moeten worden vervolgd en vermoord.

Joden in Duitsland.
Moslims in voormalig Joegoslavië.
Christenen in Nigeria.
Atheïsten in Afghanistan.
Roma en Sinti overal in Europa.
LHBTI-ers overal ter wereld.

Als je probeert het tóch te begrijpen, dan kom je uit bij de mens. En dus bij jezelf. Bij wat in je schuilt aan angst voor het vreemde, aan haat voor iemand die niet in jouw straatje past. We weten het allemaal. Het zit in ons. De kunst is om ermee om te gaan. Om jezelf te corrigeren, of om je te láten corrigeren. De geschiedenis begrijpen is jezelf begrijpen. En het beter doen dan anderen deden. Niet dezelfde valkuilen graven. Niet in dezelfde valkuilen vallen.

Maar… de geschiedenis begrijpen is ook een voorbeeld nemen aan de moed en kracht die mensen laten zien in oorlogsomstandigheden.

De hulpverleners van Artsen zonder Grenzen.
De helpers van onderduikers.
De transporteurs van noodhulp.
De Nederlandse frietbakkers die aan het front in Oekraïne zogenoemde patatjes hoop uitdelen.
En zeker ook de vele landgenoten die dienden in vredesoperaties in oorlogsgebieden.

Ook dan kom je uit bij de mens. En dus bij jezelf. Bij wat in je zit aan drang om het goede te doen. Om anderen op te vangen, te verdedigen, vooruit te helpen. Het begrijpen begint en eindigt bij jezelf. Elke dag. De geschiedenis begint eigenlijk elke dag.

Natuurlijk helpt het als je te weten wilt komen wat er gebeurd is. Je leest over ‘40-‘45. Je kijkt documentaires en films. Je bezoekt een oorlogskerkhof of oorlogsmuseum. Je staat stil bij de struikelstenen in onze gemeente. Je loopt eens naar het kerkhof bij de Sint Petrus om onze oorlogsgraven te bezoeken. Als je dan alles gelezen en gezien hebt, dan komt vanzelf de vraag: En ik dan? Wat had ík gedaan in die situatie? Wat zou ik vandáág doen? Die vraag stellen is de kern van deze dodenherdenking. Die vraag stellen is elke keer een eerbetoon aan degenen die we vandaag herdenken. Zodat zij niet vergeefs het leven lieten.